Nieuws

Regeerakkoord: extra fiscale lasten voor gemeenten!

Geplaatst: 10 oktober 2017
Kenmerk: 2017.03257

Regeerakkoord: extra fiscale lasten voor gemeenten!

Het regeerakkoord is gisteren gepubliceerd. Het belastingstelsel wordt hervormd. Verschillen in fiscale behandeling worden verkleind, (meer) werken wordt lonender, vervuiling krijgt een hogere prijs, belastingontwijking wordt aangepakt en het fiscaal vestigingsklimaat wordt verbeterd voor die bedrijven die hier ook daadwerkelijk economische activiteiten en banen opleveren. De fiscale lasten voor gemeenten worden volgens Taxnavigator verhoogd.

Inkomstenbelasting/tarieven

De lasten voor burgers worden in 2021 per saldo met ruim 6 miljard euro verlaagd (inclusief circa 1 miljard euro via inkomensmaatregelen aan de uitgavenzijde), vooral door de invoering van een tweeschijvenstelsel met een basistarief van 36,93% en een toptarief van 49,5%, een verhoging van de algemene heffingskorting en een per saldo verhoging van de arbeidskorting, naast een groot aantal kleinere aanpassingen. Hierdoor gaan alle inkomensgroepen, maar vooral werkenden, en er de komende jaren op vooruit. Het inkomenspakket zorgt voor evenwicht tussen één- en tweeverdieners en maakt het -vooral voor werkenden met een middeninkomen – lonender om (meer) te werken.

BTW

De ruimte om de belastingen op inkomen nog verder te verlagen wordt gevonden door een verhoging van het lage BTW tarief van 6% naar 9%, verdere vergroening van het belastingstelsel en door aftrekposten, waaronder de hypotheekrenteaftrek en de zelfstandigenaftrek, vanaf 2020 in 4 jaarlijkse stappen van 3%-punt te verlagen naar het basistarief. De opbrengst van de versnelde afbouw van de hypotheekrenteaftrek wordt volledig gebruikt om de eigenwoningbezitters te compenseren door verlaging van het eigenwoningforfait. De regeling ‘geen of beperkte eigen woningschuld’ wordt de komende 20 jaar stapsgewijs afgebouwd.

Inkomstenbelasting/vermogensrendementsheffing

In de vermogensrendementsheffing (Box 3) wordt sneller aangesloten op het werkelijk rendement van spaartegoeden en het heffingsvrije vermogen wordt verhoogd van 25.225 euro naar 30.000 euro (60.000 euro voor paren). In deze kabinetsperiode zal een stelsel van vermogensrendementsheffing op basis van werkelijk rendement worden uitgewerkt.

Dividendbelasting

De dividendbelasting wordt afgeschaft. Tegelijkertijd wordt, om brievenbusconstructies tegen te gaan, een bronbelasting op rente en royalty’s ingevoerd op uitgaande financiële stromen naar landen met zeer lage belastingen (low tax jurisdictions). Financiering met eigen vermogen wordt ook aantrekkelijker door de aftrekbaarheid van vreemd vermogen te beperken.

Vestigingsklimaat

Fiscale regelingen bepalen mede het vestigingsklimaat voor internationale bedrijven. Nederland moet aantrekkelijk blijven voor bedrijven die zich hier willen vestigen en die hier willen produceren (zie vorige paragraaf). Met het oog daarop bestrijden we belastingontwijking en verbreden we de grondslagen voor de belasting op bedrijven. De opbrengst daarvan wordt benut om de tarieven in de vennootschapsbelasting, ook met het oog op de ontwikkelingen in de landen om ons heen, te verlagen. De statutaire tarieven in de vennootschapsbelasting gaan in stappen van 20% en 25% naar 16% en 21 % per 2021. Om een sterke aanzuigende werking naar de BV te voorkomen en om een globaal evenwicht te houden in belastingdruk wordt het box 2 tarief in stappen verhoogd van 25% naar 28,5% in 2021. Om belastingontwijking aan te pakken pleiten we daarnaast voor het opstellen van een zogenaamde zwarte lijst met niet-coöperatieve jurisdicties op het gebied van belastingen en een verplichting voor multinationals om per EU-land en per land op de zwarte lijst te rapporteren over hun activiteiten.

Belastingdienst

Om de uitvoering van het fiscale stelsel te verbeteren wordt de komende jaren 0,5 miljard euro gereserveerd om de investeringsagenda van de Belastingdienst uit te voeren.

Gemeentelijke praktijk

Het verhogen van het verlaagde btw-tarief van 6% naar 9% heeft belangrijke gevolgen voor gemeenten. Bijgaand een korte opsomming van enkele aspecten.

Tarieven.

De tarieven voor sporten en het gebruik van het zwembad moeten omhoog, of bij een gelijkblijvende prijs moet meer btw uit de vergoeding worden voldaan aan de Belastingdienst. Dit geldt ook voor de tarieven van schouwburgen en musea. De kosten van het leerlingenvervoer stijgen. Gemeenten kunnen de btw op de kosten van het leerlingenvervoer niet terugvragen c.q. verrekenen op de btw-aangifte of compenseren bij het BTW-compensatiefonds. De prijzen van lunches en broodjes stijgen en ook de kosten van koffie en thee nemen toe. Prijzen in de kantine moeten worden aangepast. De kosten van veel WMO-artikelen stijgen. De kosten van boeken en tijdschriften nemen toe.

Uitvoering en bedrijfsvoering.

In de uitvoering moeten gemeenten veel maatregelen treffen. De gemeentelijke administratie moet worden aangepast. Veel drukwerk en andere publicaties moeten worden vervangen. Websites moeten worden aangepast. Hoeveel extra kosten zijn hiermee gemoeid?   

BTW-compensatiefonds.

Gemeenten gaan meer btw betalen ter zake van de bedrijfsvoering. Veel van de extra te betalen btw wordt gecompenseerd bij het BTW-compensatiefonds. De uitputting van het BTW-compensatiefonds wordt versterkt. Gemeenten doen er verstandig aan de budgetten door te rekenen en de extra kosten van btw inzichtelijk te maken.

Dit bericht is opgesteld door de redactie van Taxnavigator.