Nieuws

Compensatieregeling sport

Geplaatst: 08 september 2016
Bron: Verslag van een algemeen overleg, gehouden op 30 juni 2016, over Sportbeleid (Kamerstuk 30234, nr. 146)
Kenmerk: 2016.00518

Compensatieregeling sport

Na de wijziging van de btw-sportvrijstelling zullen veel niet-winstbeogende organisaties zoals gemeenten en sportstichtingen te maken krijgen met hogere btw-kosten op de nieuwbouw, renovatie, exploitatie en onderhoud van sportaccommodaties. Zal hiervoor een compensatieregeling worden getroffen?

In een eerder nieuwsbericht informeerden wij u reeds over de aanstaande wijziging van de btw-wetgeving omtrent sport. Naar verwachting zal de zogenoemde btw-sportvrijstelling op de termijn worden verruimd. Dit houdt onder meer in dat de exploitatie van sportaccommodaties door gemeenten en andere niet-winstbeogende organisaties zoals zogenoemde sportstichtingen, wordt vrijgesteld van btw-heffing. Door toepassing van de btw-vrijstelling is de btw op de kosten van bijvoorbeeld nieuwbouw, renovatie, exploitatie en onderhoud van de sportaccommodatie, niet meer aftrekbaar op de btw-aangifte. Over het algemeen zal de verruiming van de btw-sportvrijstelling daarom leiden tot een hogere btw-kostenpost bij deze organisaties. 

Compensatieregeling?

Vanwege deze verwachte hogere btw-lasten zijn vanuit de praktijk meerdere keren vragen gesteld aan de Staatssecretaris van Financiën over de wijze waarop sportorganisaties hiervoor zullen worden gecompenseerd. Tot zover heeft de Staatssecretaris van Financiën op de vragen of er een compensatieregeling komt en hoe deze eruit zal zien, geen antwoord gegeven. Wij verwijzen bijvoorbeeld naar de lijst met vragen en antwoorden van 18 april 2016 (klik hier).

Uit een vorige week gepubliceerd verslag van een overleg in de Tweede Kamer op 30 juni 2016, is af te leiden dat een compensatieregeling noodzakelijk wordt geacht. Minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) merkt hierover tijdens het overleg het volgende op:

“Voor mij is het ondenkbaar dat de btw-sportvrijstelling vervalt zonder compensatie. Meer kan ik niet zeggen. Het is voor mij echt ondenkbaar dat wij de sport met een rekening van 200 miljoen opzadelen. Ik heb er verschillende malen over gesproken met de staatssecretaris van Financiën. Uit zijn gedrag heb ik niet kunnen opmaken dat hij daar nu zo'n haast mee wil maken. Ik zie het echter niet zitten om deze maatregel in te voeren zonder compensatie.”

Commentaar

Uit het vorenstaande kan worden afgeleid dat het Ministerie van VWS zich hard zal maken voor een regeling ter compensatie van de hogere btw-lasten als gevolg van de verruiming van de btw-sportvrijstelling. Op welke wijze die compensatie zal plaatsvinden en welke omvang die zal hebben, is nog onduidelijk. Naar verluidt zal hier pas na de aantreding van het nieuwe Kabinet meer duidelijkheid over komen. Overigens zijn ook na een verruiming van de btw-sportvrijstelling nog modellen denkbaar die de aftrek van btw op de kosten van sportaccommodaties mogelijk maken. Deze modellen worden nader uitgewerkt in het besloten deel van Taxnavigator.

Dit artikel is opgesteld door de heer mr. dr. J.J.P. Swinkels die werkzaam is als concernfiscalist bij de gemeente Utrecht. Het artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Contactpersoon

Heeft u vragen over dit onderwerp?
Neem dan contact op met:

Voor meer informatie:

mr. dr. J.J.P. (Joep) Swinkels
06-25152349
joepswinkels@taxnavigator.nl