Nieuws

BCF: Recht op compensatie van btw/afnemer van prestatie /noodaanlanding veerhaven

Geplaatst: 12 januari 2022
Kenmerk: 2022.41822

BCF: Recht op compensatie van btw/afnemer van prestatie /noodaanlanding veerhaven

In dit nieuwsbericht informeren wij u over de uitspraak van Rechtbank Noord-Holland van 8 december 2021, nr. AWB 20/308, inzake het recht op compensatie van btw bij het BTW-compensatiefonds ter zake van de aanleg van een noodaanlanding in een veerhaven.

1. Feiten en uitgangspunten

Een gemeente beschikt niet over een noodaanlanding in de veerhaven. De gemeente, Rijkswaterstaat en een aannemer maken afspraken over de realisatie van een noodaanlanding zodat personen en voertuigen van boord kunnen gaan als door calamiteiten geen gebruik kan worden gemaakt van de reguliere aanlanding. De noodaanlanding wordt aangelegd op grond van de Staat. In eerste instantie heeft de Staat opdracht gegeven om de noodaanlanding aan te leggen en de gemeente betaalt een financiële bijdrage in de kosten.

2. Standpunten Belastingdienst en gemeente

De Belastingdienst neemt het standpunt in dat de gemeente ter zake van de btw op de kosten geen recht op compensatie van btw bij het BTW-compensatiefonds heeft. De gemeente is volgens de Belastingdienst niet de afnemer van de prestatie van de aannemer. Voorts geldt volgens de Belastingdienst een uitsluiting van het recht op compensatie van btw bij het BTW-compensatiefonds omdat sprake is van een verstrekking aan één individuele derde. De Staat is eigenaar van de grond waarop de noodaanlanding is aangelegd zodat de Staat door natrekking de juridisch eigenaar is van de noodaanlanding en de gemeente dus nimmer de beschikkingsmacht over de noodaanlanding heeft verkregen.

De gemeente neemt het standpunt in dat de gemeente een overeenkomst heeft gesloten met de aannemer waardoor een relatie van opdrachtgever en opdrachtnemer is ontstaan. De gemeente is de afnemer van de werkzaamheden van de aannemer en de gemeente kan de btw op de kosten van de aanleg compenseren bij het BTW-compensatiefonds.

3. Oordeel rechtbank Noord Holland

Rechtbank Noord-Holland oordeelt in zijn uitspraak van 8 december 2021, nr. AWB 20/308, dat uit de overeenkomst kan worden opgemaakt dat de aannemer een overeenkomst heeft gesloten met RWS en niet met de gemeente. Volgens de rechtbank is RWS de opdrachtgever en de aannemer is de opdrachtnemer. Tussen RWS en de aannemer is een rechtsbetrekking ontstaan. Dat de facturen aan de gemeente zijn uitgereikt neemt de rechtsbetrekking tussen RWS en de aannemer niet weg. Het verweer van de gemeente dat de gemeente een overeenkomst heeft gesloten met RWS die vervolgens heeft gecontracteerd met de aannemer wordt door de rechtbank in punt 17 van de uitspraak verworpen. In dit onderdeel van de uitspraak is de naam RWS in de 12e regel ook niet geanonimiseerd.

4. Gemeentelijke praktijk

De gemeente heeft recht op compensatie van btw op de kosten als aan de voorwaarden voor het recht op compensatie van btw is voldaan. Belangrijke uitgangspunten zijn de rechtsbetrekking, de factuur en het gebruik voor compensatie gerechtigde activiteiten.

De ervaring leert dat RWS, Pro Rail en NS doorgaans de opdrachtgever willen zijn en blijven bij werkzaamheden aan hun eigendommen.

5. Documenten en publicaties

  • Uitspraak Rechtbank Noord-Holland d.d. 8 december 2021, nr. AWB 20/308. Klik hier

Dit bericht is opgesteld door de redactie van Taxnavigator/eindredactie mr. dr. J.J.P. (Joep) Swinkels. Voor meer informatie: info@taxnavigator.nl. © Copyright Taxnavigator BV/Nestor Business Media BV/Nestor Media Groep. Ter zake van onze fiscale dienstverlening en berichtgeving gelden algemene voorwaarden en hetgeen wordt vermeld in de colofon.