Nieuws

Verhuurplus: ontwikkeling

Geplaatst: 01 juni 2019
Kenmerk: 2019.05474

Verhuurplus: ontwikkeling

Op 23 mei 2019 is een uitspraak van Rechtbank Zeeland-West-Brabant gepubliceerd van 21 maart 2019 met nr. BRE 17/7333. De uitspraak gaat over het leerstuk ‘Verhuur Plus’. Niet de belastingplichtige maar de Belastingdienst neemt het standpunt in dat sprake is van ‘Verhuur Plus’. Een interessante uitspraak voor de gemeentelijke praktijk. 

Voor raadplegen uitspraak Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 21 maart 2019 met nr. BRE 17/7333. klik hier

1. Feiten

Een exploitant van vlooienmarkten (hierna ook: de exploitant) stelt tegen vergoeding grondplaatsen ter beschikking op vlooienmarkten. Desgewenst kan bij de exploitant ook een marktkraam worden gehuurd die door de exploitant op de grondplaats wordt geplaatst. Naast de ter beschikking stelling van grondplaatsen (met marktkramen) verzorgt de exploitant ook de marketing van de vlooienmarkt, int de entree, houdt een marktmeester toezicht en coördineert de exploitant de schoonmaak van de vlooienmarkt. De exploitant brengt voor het ter beschikking stellen van een grondplaats geen btw in rekening. Ook voor de huur van een grondplaats met marktkraam wordt door de exploitant geen btw in rekening gebracht. De exploitant neemt het standpunt in dat de verhuur van een grondplaats de verhuur van een onroerende zaak betreft en dat daarom geen btw is verschuldigd. De verhuur van een onroerende zaak is vrijgesteld van de heffing van btw tenzij wordt geopteerd voor een met btw belaste huur. De verhuur van de grondplaats betreft de hoofdprestatie. De verhuur van de marktkraam en de andere bijkomende diensten volgen volgens de exploitant het btw-regime van de hoofdprestatie en zijn daarom ook vrijgesteld van de heffing van btw.       

2. Belastingdienst

De belastinginspecteur neemt het standpunt in dat de dienstverlening van de exploitant moet worden gekwalificeerd als het faciliteren van het tentoonstellen en verkopen van artikelen en niet als de verhuur van een onroerende zaak.

3. Uitspraak van Rechtbank Zeeland-West-Brabant

De rechtbank oordeelt dat alle prestaties die de exploitant van de vlooienmarkt verricht voor de organisatie van de vlooienmarkt een totaalpakket aan diensten betreft welk dienst bestaat uit de gelegenheid bieden om deel te nemen aan de vlooienmarkt. Het enkele feit dat tijdens het bieden van die gelegenheid de afnemer van de dienst de desbetreffende grondplaats exclusief mag gebruiken voor de verkoop van zijn goederen heeft volgens Rechtbank Zeeland-West-Brabant niet tot gevolg dat sprake is van de verhuur van onroerend goed. De dienst van de exploitant dient volgens de rechtbank daarom te worden gekwalificeerd als het faciliteren van deelname aan vlooienmarkten en niet als de verhuur van onroerende zaken. De dienstverlening is volgens Rechtbank Zeeland-West-Brabant niet vrijgesteld van de heffing van btw. 

4. Gemeentelijke praktijk

De uitspraak bevestigt dat in meer situaties sprake is verhuur plus dan vaak wordt aangenomen. Met name de Belastingdienst is erg terughoudend bij het toepassen van verhuur plus. Het is dan ook opvallend dat juist de Belastingdienst het standpunt inneemt dat sprake is van verhuur plus. Volgens Taxnavigator volgt uit deze uitspraak dat gelet op de aanvullende dienstverlening veelal ook sprake is van 'verhuur plus' bij de exploitatie van zogenoemde grote zalen in multifunctionele accommodaties.

In het thema 'multifunctionele accommodaties' op Taxnavigator treft u uitgebreide documentatie aan over de exploitatie van MFA's. Voor raadplegen. Klik hier


Dit bericht is opgesteld door de redactie van Taxnavigator/eindredactie mr. dr. J.J.P.(Joep) Swinkels. Voor meer informatie: info@taxnavigator.nl. © Copyright Taxnavigator/Nestor Business Media BV/Nestor Media Groep. Ter zake van onze fiscale dienstverlening en berichtgeving gelden algemene voorwaarden en hetgeen wordt vermeld in de colofon.